Zinloze massaslachting ganzen Zuid-Holland
Nadat de vorige vergunning voor het massaal doden van grauwe ganzen in de winterperiode door de rechter was vernietigd, verleende de provincie een nieuwe. Daarin werd alleen de periode waarin geschoten mag worden, beperkt. Er wordt nog steeds toestemming verleend om deze ganzen in de hele provincie te doden, waarbij het doel is om de aantallen zeer drastisch terug te dringen. Het is volkomen zinloos. De gewenste verlaging zal daarmee niet worden bereikt en de praktijk laat zien dat de landbouwschade alleen maar toeneemt.
Nieuwe vergunning
Begin februari verleende de provincie Zuid-Holland een vergunning om gedurende de wintermaanden op grote schaal grauwe ganzen dood te schieten. Het ging om een nieuw besluit, nadat het vorige op onder andere ons verzoek door de rechter was vernietigd. Met deze nieuwe vergunning krijgen jagers toestemming om in de provincie Zuid-Holland onder de grote rivieren in de periode van 16 januari tot 15 februari en boven de grote rivieren in de periode van 16 januari tot 1 maart grauwe ganzen dood te schieten. Deze vergunning sluit aan bij die voor de zomerperiode. De ganzen mogen op basis daarvan tot 1 november worden gedood. Ze mogen dus vrijwel het hele jaar in de hele provincie worden geschoten, met uitzondering van natuurgebieden in beheer bij natuurbeschermingsorganisaties, Natura 2000-gebieden en voor ganzen in de winter aangewezen rustgebieden. De jagers mogen er zoveel schieten als ze zelf willen zolang er maar minimaal 35.500 overblijven. Dat is de ‘streefstand’. Let wel, er zijn volgens de schatting van de provincie nu ruim 110.000 ganzen aanwezig. Dat betekent dat de jagers er wat betreft de provincie zeker 75.000 mogen doden!
In het besluit geeft de provincie zelf al aan dat het behalen van de streefstand niet realistisch is. De reden voor het massale afschot is het beperken van de landbouwschade. Maar de provincie verwacht dat er ook bij het wel behalen van de streefstand, nog steeds sprake zal zijn van ‘belangrijke’ schade.
Grote aantallen
Het nieuwe besluit voldoet wat Fauna4Life betreft nog steeds niet aan de wettelijke vereisten. Wij hebben in het kader van het hoger beroep aangegeven dat allereerst niet is aangetoond dat ‘populatiebeheer’ noodzakelijk is om belangrijke schade te voorkomen of beperken. Het gaat hier namelijk niet om het ‘verjagen’ van ganzen van landbouwpercelen met kwetsbare, kapitaalintensieve gewassen. De vergunning geeft toestemming om de vogels overal te schieten. Dus ook op plaatsen waar geen sprake is van enige schade. Het doel is om zoveel mogelijk ganzen te schieten.
Natuurwaarden
Wij hebben erop gewezen dat door de provincie niet is aangetoond dat het afschot tot aan de randen van natuurgebieden en gedooggebieden, geen significante gevolgen zal hebben voor de daar aanwezige beschermde diersoorten. Een deel van deze gebieden is zelfs speciaal aangewezen voor overwinterende en/of foeragerende ganzen. Via onderzoek zijn er verstoringsafstanden vastgesteld op basis van metingen voor geluidsstoring door het schot. Door wetenschappers wordt geadviseerd een buffer van minimaal 250 tot 300 meter rondom natuurgebieden aan te houden.
Andere bevredigende oplossing
De provincie heeft op geen enkele manier aannemelijk gemaakt dat eventuele belangrijke schade niet met minder ingrijpende middelen zou kunnen worden beperkt. De provincie stelt voor elk alternatief, of het gaat om het weren met bijvoorbeeld rasters of het verjagen met actieve verjaagmiddelen, dat het niet tot een oplossing leidt, zonder dit te onderbouwen. Zo is niet duidelijk of deze middelen daadwerkelijk zijn ingezet en zo ja, wat het effect ervan was.
Gelet op het feit dat grauwe ganzen onder de bescherming van de Vogelrichtlijn vallen, betekent het voorgaande dat de provincie deze vergunning nooit had mogen verlenen.
24 februari 2026
